‘Wiet’ met genezende krachten
Janneke en ik zetelen ons maandagmiddag in het kantoor van Daniel Truneh, coördinator bij SNV in Awasa. Onze blik valt meteen op twee plastic zakjes met groene verpulverde blaadjes die midden op de tafel liggen. Ik kijk Janneke vragend aan en haar blik verraadt dat zij hetzelfde denkt: zou dit nou wiet zijn?
Gedurende het gesprek met Daniel over de organisatie worden onze ogen steeds naar de zakjes getrokken. Daniel heeft het niet door. Hij volhardt in zijn verhaal over SNV, een grote Nederlandse ontwikkelingshulporganisatie. Gelukkig is het geen algemeen praatje, integendeel. Kort samengevat vertelt hij wat voor problemen er hier in Ethiopië zijn. Hij weet hiermee onze aandacht te trekken waardoor we niet constant naar de zakjes kijken.
Aan het eind van het gesprek kon ik het echter niet laten om Daniel te vragen wat er nou eigenlijk op tafel lag. Hij begint te lachen en stelt ons meteen gerust. “Dit wat je ziet is geen wiet hoor, mocht je dat denken. Het is een kruid dat malaria geneest. Trek zeven dagen lang iedere dag een thee van dit spul en je bent van de malaria af.”
Het kruid in kwestie is artemisia annua, een oud geneesmiddel tegen malaria. Het wordt door Chinezen al lang erkend als een geneeskrachtig kruid. De plant groeit in het wild in China en Vietnam en wordt sinds korte tijd ook in Ethiopië verbouwd, waar zij goed gedijt in de hooglanden. Vooral rondom Arba Minch. De Wereld Gezondheids Organisatie (WHO) ziet in artemisia hét nieuwe antimalariamiddel. De malariaparasieten raken namelijk resistent tegen kinine, wat nu in de medicijnen zit. Wereldwijde verspreiding vindt echter nog niet plaats omdat artemisia nog geen officiële status als geneesmiddel heeft. NGO’s delen de kruiden momenteel in Ethiopië uit, maar het is de bedoeling dat Ethiopiërs zelf bekend raken met artemisia.
Het goedje is dus tamelijk onschuldig. Jammer, het leek nog wel zo mooi. Janneke en ik staan al bijna op het punt om teleurgesteld af te druipen als Daniel plots nog wat aanvult. “Er wordt gezegd dat het kruid een stimulerend middel is. Het houdt je scherp, dat heb ik zelf ook al ervaren.” In een klap zijn wij weer geïnteresseerd en Daniel vangt ons enthousiasme op. “Jullie mogen de zakjes wel meenemen, mijn voorraad is groot genoeg.” Daar zeggen wij natuurlijk geen nee tegen.








Da’s grappig, ik was vorige week nog over de vloer bij een maisboer nabij Arusha, Tanzania. Hij liet me een veldje Artemisia Annua van zijn zoon zien, bedoeld om als malaria-remedie te gebruiken als zijn gezin geïnfecteerd raakt. Een onopvallend plantje, misleidend genoeg net wortelloof als het groeit. Had ik nu maar geweten van diens stimulerende werking..
Haha Ramon, wij hebben het ook nog niet geprobeerd. Maar ik vrees dat het nooit de effecten van tchat gaat benaderen. Ik heb nog uren met mn tanden staan malen terwijl ik het helemaal niet door had. Komt denk ik nog wel een weblogje van. Was ook mn verhaal voor join.