Geen bon voor speciale gevallen
De langstudeerboete, het is inmiddels bijna een scheldwoord. Menig student zet nog steeds zijn vraagtekens bij de omstreden studiekostenverhoging. Hoe zit het eigenlijk met studenten die niks aan hun studievertraging kunnen doen?
Een student met een beperking of psychisch problemen lijkt nu de dupe te worden van de collegegeldverhoging. Bij een drugs- of alcoholverslaving loopt diegene kans op vertraging en dus automatisch ook op de langstudeerboete. Iemand die langer dan vijf jaar doet over zijn of haar studie betaalt €3000 extra collegegeld per jaar dat hij of zij langer studeert.
Wondermiddel
Volgens een woordvoerder van de rijksoverheid is de ‘voorlopige voorziening prestatiebeurs’ het wondermiddel voor speciale gevallen. “Iedere student die een handicap of psychisch probleem heeft, zoals een verslaving, wordt apart beoordeeld. Samen met betrokken partijen zoals dokters en psychologen wordt gekeken of een student aanspraak maakt op de regeling.”
Proces
“De langstudeerboete kan worden gezien als kostenbesparing voor de overheid, maar ook als beperking van het recht om onderwijs te volgen.” Dat zegt advocaat Tom Barkhuysen. Hij verdedigt de belangen van het ISO (het Interstedelijk Studenten Overleg), de LSVb (de Landelijke Studenten Vakbond) en de LKvV (Landelijke Kamer van Verenigingen) in een rechtszaak die de organisaties aanspanden tegen de overheid. De advocaat denkt dat de uitkomst van het proces voordelig zal uitpakken voor de studentenorganisaties.
Sterke argumenten
“We hebben drie sterke argumenten. Ten eerste wordt de toegang tot hoger onderwijs voor studenten belemmerd. Vervolgens wordt de maatregel ook nog ten onrechte toegepast op studenten die er helemaal geen rekening mee hielden en dat ook niet konden. Toen ze begonnen met hun studie waren de plannen over de langstudeerboete namelijk nog niet bekend. Het derde argument houdt in dat er te weinig rekening wordt gehouden met verschillende onderwijsvormen en het speciaal onderwijs. Voor deeltijdstudenten gaan dezelfde regels gelden als voor de voltijdstudenten. Dat is natuurlijk oneerlijk en ondoordacht.” De uitspraak moet op uiterlijk 25 juli bekend worden.






